De meerwaarde van virtualisatie van de desktop zit hem erin dat verschillende rollen in een organisatie op een veilige manier bediend kunnen worden via het meest geëigende device, terwijl de UX – die steeds meer gewicht krijgt in zakelijke overwegingen – goed of zelfs uitmuntend scoort. Achter deze virtualisatie zit bovendien technologie die IT-beslissers flexibiliteit geeft, omdat de drempel voor multicloud lager komt te liggen. Daarnaast wordt het beheer van applicaties en de toegang tot data vergemakkelijkt. Dat zijn een hoop vliegen in één klap.

Van deze meerwaarde profiteert een organisatie als Oracle Red Bull Racing, dat deelneemt aan 23 races in de Formule 1 over heel de wereld. De 23 locaties leiden tot veel variabelen door met name de verschillen in de circuits en de klimaatomstandigheden. De uitdaging is om het materieel te optimaliseren op basis van de juiste informatie, die voorhanden is na analyse van een almaar groeiende hoeveelheid centraal opgeslagen data van eerdere races in het datacenter van Oracle Red Bull Racing in Engeland.

Meerdere rollen, één device

Flexibiliteit is belangrijk voor het racing team, dat om meerdere redenen (een gelijker speelveld voor alle teams en beperking van reisbewegingen onder andere) beperkt is tot ongeveer tachtig mensen. “Ieder Formule 1-team moet mensen dus heel efficiënt inzetten. Iemand die aan een auto werkt, heeft misschien ook de verantwoordelijkheid voor het beheer van de IT infra”, vertelt Niek Boevink, lead pre-sales engineer bij Citrix en zelfverklaard Formule 1-fan.

Medewerkers kunnen gedurende de dag dus meerdere keren van rol wisselen, en daarvoor switchen ze van profiel, waarbij ze een andere, relevante workspace op het scherm krijgen. “Het racing team heeft, vanuit efficiency oogpunt en in verband met mogelijke diefstal, echt alleen het hoognodige aan hardware bij zich. Bijna alle applicaties draaien centraal in het datacenter en teamleden gebruiken overal een Virtual Desktop voor.” De apparatuur ter plekke fungeert als een doorgeefluik, de computing power is gecentraliseerd in het datacenter.

Analytics platform

Het uitwisselen van gegevens met het datacenter gebeurt veilig afgeschermd voor de buitenwereld. In de Formule 1 kan het lekken van intellectuele eigendom tot enorme verliezen leiden, niet anders als in de financiële wereld of in de hightech. En tussen de circuits en het datacenter worden heel veel concurrentiegevoelige data uitgewisseld, die niet in verkeerde handen mogen raken.

Terwijl het racing team van rond de tachtig medewerkers dicht op de actie zit, werkt er in het Verenigd Koninkrijk een veelvoud aan mensen continu aan de datasets. “In de aanloop naar een race doen ze samen met het team ter plaatse een analyse: is het circuit veranderd ten opzichte van vorig jaar? Zijn er sinds die tijd zaken veranderd aan de auto? Vervolgens gaan ze in een simulatie kijken met de onderdelen die hen passend lijken, en dan draaien ze virtuele testruns, en de uitkomsten sturen het wisselen van de onderdelen die ze dan op de auto zetten. Vervolgens genereert de echte testrun op het circuit weer nieuwe data om te analyseren.”

30.000 wijzigingen

Die gegevens worden al heel snel heel omvangrijk: “Ze hebben op een auto zo’n 1.000 onderdelen die ze kunnen wisselen. En ze voeren zo’n 30.000 tot 35.000 veranderingen per jaar door. Elke wijziging leidt tot een nieuwe simulatie in het datacenter.” Dat laatste is niet alleen efficiënt; het is ook uit noodzaak geboren, omdat de toegang tot de windtunnel gelimiteerd is om het level playing field tussen de teams gelijk te houden.

Juist omdat bijna alle data centraal is opgeslagen, kan Oracle Red Bull Racing optimaal profiteren van de enorme hoeveelheid data. “Voor goede analyses wil je de data bij elkaar hebben”, zegt Boevink. Niet alleen Red Bull profiteert van deze centrale opslag, ook meerdere partijen in de supply chain, zoals Honda, dat data van de motoren wil analyseren. “Dus er zijn allerlei connecties in de supply chain. Dat regelen wij voor die partijen via automatic data collection-technologie (ADC).”

“Dit zie je ook in andere sectoren steeds vaker, dat organisaties een stapje terug doen, meer naar regievorming gaan, en dat de supply chain daardoor veel uitgebreider wordt. Omdat bijna alle data centraal staat, kunnen partijen, altijd via dezelfde verbinding, weer bijdragen aan het totaal, waardoor iedereen er beter van wordt.”

Citrix Workspace

Citrix Workspace is een oplossing om applicaties en data bij elkaar te brengen op een uniforme manier. Er is maar één client of browser nodig. De oplossing houdt rekening met het formaat van het device waarop deze draait. De look and feel is altijd hetzelfde, maar achter de symbolen op het bureaublad kan bijvoorbeeld een web-applicatie, een SaaS-applicatie of een legacy applicatie uit een datacenter zitten. Ook shared drives zijn benaderbaar: fileservers, Dropbox, One Drive… een connector maakt de data direct beschikbaar, maar er wordt niets gekopieerd.

Citrix Workspace wordt gemonitord door een analytics-platform voor extra security. Op de achtergrond wordt een baseline van het globale gedrag van gebruikers gemaakt. Zodra er een afwijking van het standaard gedrag wordt geconstateerd kan er een breed scala aan acties worden getriggerd. Bijvoorbeeld, bij een verbinding vanaf een nieuwe locatie en bij andere dan gebruikelijke handelingen, kunnen er alerts worden verstuurd naar een beheerder, of kan de verbinding automatisch worden verbroken.

Ook de performance wordt gemonitord door het analytics platform, zodat de eindgebruikerservaring optimaal blijft. Alles wat iemand binnen zijn workspace doet, wordt tot in detail geanalyseerd, zodat het bij een verslechterde eindgebruikerservaring direct duidelijk is wat de oorzaak is.

Ten slotte biedt het platform middelen om grip te krijgen op de kosten van cloudservices. Als een organisatie services van derden afneemt via Citrix, kan analytics inzicht geven in de afgenomen capaciteit en kan worden bepaald of specifieke gebruikers te weinig of te veel resources tot hun beschikking hebben.

REAGEREN

Plaats je reactie
Je naam