Minder digitale verspilling: een gids voor IT-leiders

Als IT-budgetten onder druk komen te staan, lijkt de oplossing vaak simpel: minder uitgeven. Softwarelicenties worden geschrapt, contracten opnieuw bekeken en nieuwe investeringen uitgesteld. Dat levert direct zichtbare besparingen op, maar maakt een organisatie niet automatisch efficiënter. Sterker nog, een lagere softwarefactuur kan uiteindelijk zelfs duurder uitpakken wanneer medewerkers meer handmatig werk moeten verrichten of processen vertragen.

De vraag is daarom niet alleen welke IT-kosten omlaag kunnen, maar vooral waar binnen de IT-omgeving sprake is van onnodige uitgaven en inefficiëntie. Kostenoptimalisatie begint dan ook niet met schrappen, maar met het opsporen van die digitale verspilling. Pas daarna kun je bepalen welke technologie zijn investering daadwerkelijk waard is, waar bestaande oplossingen beter kunnen worden benut en van welke technologie je beter afscheid kunt nemen.

Begin niet blindelings met kostenbesparingen

Ga eerst op zoek naar digitale verspilling. Die begint vaak op plekken binnen de IT-begroting die nauwelijks opvallen. Denk aan cloudcapaciteit waarvoor wel wordt betaald maar die niet wordt gebruikt, verschillende applicaties met vrijwel dezelfde functionaliteit of verouderde software die in de lucht blijft omdat vervangen te complex of tijdrovend lijkt. Ook software die medewerkers nauwelijks gebruiken, kan ongemerkt jarenlang onderdeel blijven van deze verspilling.

Verspilling zit echter niet alleen in de technologie zelf. Organisaties investeren ook tijd en geld in het efficiënter maken van bestaande processen, zonder eerst te bepalen of die processen nog wel nodig zijn. Een extra hulpmiddel kan bijvoorbeeld een handmatige stap versnellen, terwijl het vinden van manieren om het proces volledig te automatiseren die stap zelfs helemaal overbodig kan maken. In dat geval wordt technologie vooral ingezet om een inefficiënt proces in stand te houden. Digitale verspilling gaat dus niet alleen over ongebruikte of overbodige technologie, maar ook over de manier waarop technologie binnen de organisatie wordt ingezet.

Naarmate meer organisaties AI implementeren, moeten leiders ook de impact ervan in overweging nemen; functies zoals softwareontwikkeling, klantenservice en marketing kunnen veel processen stroomlijnen en zelfs bestaande tools vervangen door AI.

Kijk naar waarde, niet alleen naar kosten

Daar draait IT-kostenoptimalisatie uiteindelijk om: niet simpelweg kosten verlagen, maar zorgen dat iedere euro zo goed mogelijk wordt besteed. Toch worden investeringen in technologie nog vaak beoordeeld op basis van hun prijs. Een dure applicatie wordt tijdens een besparingsronde al snel kritisch bekeken, terwijl het prijskaartje weinig zegt over wat die applicatie de organisatie oplevert. Een relatief dure tool die de productiviteit van medewerkers aanzienlijk verhoogt en hen elke week uren werk bespaart, kan uiteindelijk een betere investering zijn dan goedkope software die nauwelijks wordt gebruikt.

Om dat onderscheid te maken, is het belangrijk om naar de feitelijke gegevens te kijken en verder te kijken dan de ervaringen of meningen van gebruikers. Kijk bijvoorbeeld naar hoe vaak een applicatie wordt gebruikt, welke werkzaamheden ermee worden uitgevoerd en hoeveel arbeid hiermee wordt bespaard. Een goede graadmeter is wat er gebeurt als een tool van de ene op de andere dag wegvalt. Moeten medewerkers daardoor structureel meer handmatig werk verrichten, dan wordt duidelijk welke waarde de applicatie toevoegt aan het dagelijkse werk. Heeft het verdwijnen van de tool nauwelijks gevolgen, dan roept dat juist de vraag op hoeveel waarde de applicatie daadwerkelijk toevoegt.

Hoe je de juiste beslissing neemt en extremen vermijdt

Maar ook wanneer een applicatie onvoldoende rendement lijkt op te leveren, is opzeggen niet automatisch de beste vervolgstap. Laag gebruik betekent namelijk niet per definitie dat een tool weinig waarde heeft. Het kan ook zijn dat medewerkers onvoldoende weten hoe ze de tool goed kunnen benutten en de investering daardoor niet volledig benutten. Concreet eigenaarschap helpt om dat onderscheid te maken. Door iemand verantwoordelijk te maken voor het gebruik van een tool, wordt sneller duidelijk waar kansen blijven liggen. Is gebrek aan kennis het probleem, dan kan training het gebruik én daarmee het rendement verhogen.

Een andere mogelijkheid is dat niet de tool, maar het proces zelf overbodig is. Voordat je een werkwijze probeert te optimaliseren, is het daarom zinvol om te onderzoeken wat er gebeurt als je een stap volledig weglaat. Denk aan een medewerker die handmatig gegevens van het ene systeem naar het andere overzet. Software kan dat werk versnellen, maar een rechtstreekse koppeling tussen beide systemen maakt de handeling helemaal overbodig. In zo’n geval zit de winst niet in een efficiënter proces, maar in het schrappen ervan.

Zo vermijdt een organisatie twee extremen: waardevolle technologie verwijderen omdat die op het eerste gezicht te duur of onderbenut lijkt, én blijven investeren in tools die vooral een inefficiënt proces in stand houden. De vraag is steeds welke keuze uiteindelijk de meeste waarde oplevert: een tool beter benutten, het proces anders inrichten of daadwerkelijk afscheid nemen.

Behouden, trainen of schrappen

Na zo’n analyse zijn er grofweg drie mogelijke uitkomsten. Technologie die noodzakelijk is en voldoende waarde creëert, blijft behouden. Een applicatie die de potentie heeft om de productiviteit van medewerkers aanzienlijk te verhogen, maar nog niet volledig wordt benut, vraagt mogelijk eerst een betere adoptie of aanvullende training. En een tool die nauwelijks waarde toevoegt, overbodig is geworden of een proces ondersteunt dat ook zonder tussenstap kan worden uitgevoerd, kan worden geschrapt.

Daarmee is kostenoptimalisatie iets anders dan een eenmalige zoektocht naar een lager IT-budget. Het geld dat vrijkomt door verspilling weg te nemen, kan opnieuw worden ingezet voor technologie die aantoonbaar meer oplevert. Dat maakt de benadering offensiever: niet snijden om de IT-omgeving zo goedkoop mogelijk te maken, maar voortdurend beoordelen waar investeringen de grootste bijdrage leveren aan productiviteit, snelheid en groei. Uiteindelijk is het doel van optimalisatie niet om kosten te besparen, maar om het rendement op de investering te maximaliseren door het vermenigvuldigende effect.

Gerelateerde artikelen

Groeien versus schalen: lessen uit de bereiding van de perfecte risotto

Groeien versus schalen: lessen uit de bereiding van de perfecte risotto

Data-gedreven organisaties worstelen regelmatig met de vraag hoe zij hun data-ecosysteem effectief kunnen laten groeien zonder dit ten koste gaat van de flexibiliteit en wendbaarheid. ABN AMRO Hypotheken Groep – Data Services Platform heeft ervaren dat het antwoord verrassend genoeg te vinden is in de keuken.

‘IT-integraties brengen bedrijfscontinuïteit in gevaar’

‘IT-integraties brengen bedrijfscontinuïteit in gevaar’

De afgelopen vijf jaar is het aantal IT-integraties binnen organisaties vertienvoudigd. Dit heeft toenemende complexiteit ten gevolge, en daardoor kwetsbaarheid van integratielagen binnen IT-systemen. De toenemende integraties vormen een aanzienlijk risico voor de bedrijfscontinuïteit en beveiliging, aldus een rapport van Enable U.

Automatisering: waar staan we, wat zijn de uitdagingen en waar gaan we heen?

Automatisering: waar staan we, wat zijn de uitdagingen en waar gaan we heen?

Bedrijven versnellen het gebruik van AI en automatisering. Niet verwonderlijk dus dat 90 procent van de IT-beslissers in alle industriële sectoren van plan is om extra automatisering, inclusief AI, te implementeren. En dat doen ze in rap tempo. Digitate deed onderzoek naar waar bedrijven nu staan met automatisering en wat IT-beslissers verwachten.