Het bedrijfsleven heeft ruime ervaring met grote transformaties, waarvan de overheid veel kan leren. Hoge IT-functionarissen binnen zowel overheid als bedrijfsleven staan open voor een uitwisseling van kennis en kunde rond IT en digitalisering, maar het blijkt lastig om intenties om te zetten in acties. Net als bij commerciële bedrijven zou de eindklant of de burger aanjager moeten zijn van de veranderingen. Wanneer die maar genoeg last ondervindt van een gebrekkige IT, dan komen zaken vanzelf in beweging.

Dat blijkt tijdens een recente rondetafelbijeenkomst in het breakout-programma van CIODAY2018, waaraan diverse IT-verantwoordelijken en andere functionarissen zich in een informele setting buigen over de vraag of CIO’s uit de markt hun collega’s bij de overheid wellicht beter op weg moeten helpen. Met name om geldverspilling door ontspoorde IT-trajecten te voorkomen en de overheids-IT klaar te maken voor de toekomst.

De discussie in de Amsterdamse Beurs van Berlage wordt gevoerd naar aanleiding van een spraakmakend opinie-artikel in de november-editie van CIO Magazine, waarin digitaal toparchitect Daan Rijsenbrij pleit voor het inzetten van ervaren IT-specialisten – architecten en CIO’s uit het bedrijfsleven – om de Nederlandse overheids-IT weer de internationale koppositie te geven die deze ooit had.

Kennistekort

De oproep tot kruisbestuiving tussen publiek en privaat wordt gezien de hoge opkomst met enthousiasme ontvangen, maar harde verzoeken en commitments blijven tijdens de discussie uit. Het meest concrete voorstel komt van een vertegenwoordiger van de Algemene Bestuursdienst BZK, die zich openstelt voor ondersteuning vanuit het bedrijfsleven voor het lopende IT-opleidingsprogramma, dat gericht is op hoge overheidsfunctionarissen.

De urgentie zit ’m daarbij vooral in het heersende kennistekort. “Aan de belangstelling voor het bijspijkeren van de IT-kennis ligt het niet, want ongeveer de helft van de doelgroep heeft de training gevolgd”, zegt hij. De focus ligt daarbij op twee dingen: in control blijven over IT-gerelateerde projecten en programma’s, alsmede het aanjagen van innovatie.

“Waarom delen we de aanwezige IT-kennis niet gewoon?”

Meer ambitie

Volgens ICT Media-CEO Rob Beijleveld, moderator en mede-initiatiefnemer van de bijeenkomst, zouden ambities veel hoger moeten zijn. Los van gerichte educatie van bestuurders, wat natuurlijk altijd een goed idee is, zijn er genoeg CIO’s en andere IT-leiders die uitdagingen waar de overheid voor staat al eens hebben meegemaakt, of daar bruikbare ideeën over hebben. En wellicht ook omgekeerd. “Waarom delen we al die aanwezige IT-kennis niet gewoon?”

CIO’s uit de private sector die bereid zijn om hun publieke vakbroeders te ondersteunen, moeten volgens hem dan wel commitment tonen: “Het is geen kwestie van één keer per jaren even meepraten; ze moeten zich daadwerkelijk in de materie willen verdiepen. Bovendien moet er vanuit de overheid een heldere uitvraag zijn: een duidelijk verzoek om kennis en kunde. Zowel vanuit CIO’s als vanuit de bestuurslaag.”

Decentraal

Uitdaging is dat er niet één centrale overheids-IT-organisatie bestaat, van waaruit zo’n vraag zou kunnen worden geformuleerd. De Rijksoverheid kent bijvoorbeeld een departementale structuur, waarbij ieder ministerie onder meer qua IT z’n eigen keuzes maakt. Uiteraard wordt gepoogd deze goeddeels zelfstandige organisaties te alignen, maar zelfs dat moet ten dele uit deze decentrale structuur zelf komen. Ook lokale overheden en uitvoeringsinstanties bepalen in grote mate hun eigen IT- en digitaliseringsagenda.

Niettemin zijn ook bedrijven regelmatig decentraal georganiseerd, en vaak met goede argumenten, zo stelt een aanwezige CIO. Toch zou de overheid richting de burger en belanghebbenden meer met één gezicht naar buiten kunnen treden, hetgeen vraagt om een convergentie van vooralsnog decentrale diensten. Enterprise architectuur en dito architecten zouden bij een dergelijke transitie, net als in het bedrijfsleven, een rol in kunnen spelen.

Volgens meerdere deelnemers gebeurt dat al lang en breed. Tevens wordt gesteld dat het bedrijfsleven veel van de overheid kan leren. Ook binnen commerciële organisaties gaat qua IT immers het nodige mis en bovendien gebeuren er binnen de publieke sector mooie en goede dingen.

“Een laag ambitieniveau biedt kansen voor leiderschap: wie pakt dit op?”

Toppositie

Toch missen meerdere deelnemers echte ambitie. Waarom streeft de Nederlandse overheid bijvoorbeeld niet openlijk naar een digitale toppositie? “Zoals de premier van Luxemburg er persoonlijk voor in staat om de digitalisering en de IT van de overheid aldaar op orde te krijgen”, zegt een vooraanstaande adviseur binnen het publieke domein. “Ik mis dat op de politieke agenda. Je kunt dit trouwens ook zien als een kans voor leiderschap: wie pakt dit op?” Anderen brengen daar tegenin onze overheid op bepaalde onderdelen al internationaal excelleert.

Neem de i-Strategie van Rijkswaterstaat, aangejaagd door CIO Perry van der Weyden. “Daarbij gaat hij ervan uit dat zijn organisatie steeds meer een databedrijf is”, zegt een hoge IT-functionaris bij de overheid. “Ook al is de weg erheen een traject van jaren.” Een ander vult aan: “Een voorbeeld voor heel veel andere overheidsorganisaties.” Waarom zijn de collega-CIO’s hiertoe niet in staat? Om dat ze risicomijdend zijn, bang om fouten te maken, omdat eventuele mislukkingen vaak worden uitvergroot.

Chefsache

Iedereen lijkt het erover eens dat digitalisering van de overheid moet worden gezien als een kans, wellicht juist door zaken die nu niet lopen of fout zijn gegaan aan te pakken en te verbeteren. Daarvoor is het evenwel zaak dat deze ambitie op hoog politiek niveau gedeeld wordt – de ministerraad of zelfs de minister-president. Net zoals bij bedrijven het topbestuur erachter moet staan. De vraag is of digitalisering van de overheid in Nederland ooit ‘Chefsache’ wordt.

Rob Beijleveld memoreert dat de IT-functie en CIO in het bedrijfsleven vijftien jaar hebben geworsteld met de acceptatie door de top. Nu IT ‘technologie’ is, wordt het denken vanuit risico en controle losgelaten en staan de kansen centraal. “Ook als land moeten we de slag van beperkingen naar mogelijkheden maken”, betoogt de ICT Media-CEO. “Digitale zorg zou zelfs een exportproduct kunnen zijn.” Ook de ontwikkeling van smart city’s is in dit opzicht interessant. Daar is dan wel lef voor nodig, zowel bij de overheids-CIO’s als binnen hun besturen en de politiek.

“We kunnen ons gezamenlijk richten op positieve dingen”

Klant centraal

De burger moet bij alle veranderingen en mogelijkheden sowieso centraal worden gezet. Aangezien bedrijven gewend zijn om zich te richten op consumenten en klanten, en redeneren vanuit customer journey’s, kunnen ervaringen uit de private sector hier wellicht goed van pas komen. “Zo richten we ons gezamenlijk op positieve dingen, met impact voor het individu en het land als geheel”, aldus een deelnemer.

Een CIO verzucht dat, wanneer de burger maar voldoende last ondervindt van een gebrekkige overheids-IT en digitalisering – zowel qua kosten als niveau van dienstverlening, er vanzelf beweging in komt. De wensen en eisen van de burger zouden uiteindelijk kunnen leiden tot een andere manier van organiseren, waardoor de decentrale uitgangspunten wellicht plaats maken voor een meer centraal gestuurde visie en aanpak.

“In zo’n geval zou de eventuele hulpvraag voortkomen uit de noodzaak om burgerproblemen op te lossen”, zegt een CIO uit de private sector. “Daar zou ik elke dag voor op te schakelen zijn.” Instemming alom.

Hotze Zijlstra (1964) is taalkundige en heeft al meer dan 30 jaar ervaring in het journalistieke domein. Als ‘vaste freelancer’ doet hij thans de hoofdredactie van CDO Magazine en maakt hij dragende artikelen voor de uitgaven BAAS en CIO Magazine.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Laat alsjeblieft een reactie achter!
Laat hier je naam achter