In Amsterdam tekenden overheid en captains van de Zuidas eind vorig jaar een intentieverklaring om mobiliteit anders te gaan inkopen. Bijvoorbeeld door de leaseauto uit het contract te vervangen door een app met een reisbudget om vervoer mee te regisseren. De verklaring behelst de gezamenlijke inkoop van mobility as a service (MaaS). De overheid streeft ernaar om nog dit jaar zeven van deze regionale MaaS-projecten te starten.

Overheid, bedrijfsleven en onderwijs willen reizigers en chauffeurs alternatieven bieden voor de auto. Het kost een maand of drie tot de deelnemers gewend zijn aan een nieuwe routine. Na een halfjaar is het volledig intrinsiek gedrag geworden. Ze nemen een rugzak in plaats van een attachékoffertje en gaan lopend, fietsend en met het openbaar vervoer naar het werk. De auto gebruiken ze alleen nog als ze ergens buiten de stad moeten vergaderen. Bijkomend voordeel voor zowel werkgevers als werknemers is dat de deelnemers fitter worden van het fietsen.

Het ultieme doel met MaaS is om onze volledige mobiliteit terug te brengen tot een app, die op basis van bronnen, zoals je agenda en de sensordata van je telefoon, een op maat gemaakt reisplan voor je maakt. De app regelt alles: openbaar vervoer, fietshuur en gebruik van leen- en deelauto’s, inclusief de afhandeling van alle benodigde transacties. Dat gemak voor de gebruiker van de app betekent enorm veel werk ‘aan de achterkant’.

Security en privacy by design

Talloze databronnen worden gekoppeld om zo’n app compleet te maken. Hiervoor is een cloudnative programmeertaal nodig die begrepen wordt door alle bronnen. De data komt van de fietsenverhuur tot leasediensten en ov-bedrijven, maar ook van reizigers en bedrijven, in de vorm van agendasystemen en mobiliteitsdata van telefoons. Beveiliging en privacy zijn daarbij het uitgangspunt, daarna komt de functionaliteit.

Met al die bronnen wordt de gebruiker een mobiliteitspakket geboden dat veel verder gaat dan een reisadvies. Zo staat er namelijk een fiets voor je klaar waar je uit de trein, bus of metro stapt, of een deelauto voor de deur.

Bijdragen aan de eigen leefomgeving

Startende projecten worden vaak ondersteund met een incentive voor de deelnemers. Gespecialiseerde marketeers onderzoeken wat de deelnemers motiveert. Zo werden in Utrecht deelnemers gestimuleerd om punten bij elkaar te fietsen voor de kinder-sportprogramma’s van het Princes Maxima Centrum voor Kinderoncologie en het Wilhelmina Kinderziekenhuis. Dat werd een groot succes, omdat mensen graag hun gedrag aanpassen als ze daarmee ook hun leefomgeving kunnen verbeteren.