Nu de technologische vooruitgang zo’n hoge vlucht neemt, is het goed regelmatig stil te staan bij het feit dat technologie de mens moet dienen, en niet andersom. Zeker nu de digitalisering van onze wereld steeds meer wordt gevoed met artificial intelligence (AI).

Hele volksstammen breken zich het hoofd over hoe je nieuwe technologie kunt ontwikkelen die ons helpt in plaats van beheerst. Ons empathisch vermogen is de allesbepalende factor bij de toepassing van wat dan ook, dus ook bij AI. Daarom is het van belang vooraf energie te steken in de vraag waar je de technologie al dan niet voor inzet.

AI is enorm veelzijdig en biedt eindeloze mogelijkheden. De technologie is op veel manieren te gebruiken. Denk maar aan de superslimme robots die foutloos mooie producten maken – dat beeld verschijnt makkelijk op ons netvlies.

Maar er bestaan ook robotbouwers die met AI producten zo precies laten aansluiten op de behoeften van de productiemedewerkers, dat mens en machine als het ware schouder aan schouder samenwerken. Deze ontwikkelaars verzamelen en analyseren data en zetten deze om in handelingen die betere robots opleveren, wat weer bijdraagt aan betere werkomstandigheden voor hen die met ze werken.

Op hun beurt maken deze ultraslimme apparaten producten die precies doen wat de consument beloofd is. Mocht er onverhoopt een mankement worden gemeld, dan gaat de klacht rechtstreeks van de klantenservice naar de fabrieksmanager. Met die data kan het productieproces direct en nauwkeurig worden bijgesteld.

Kortom, AI zorgt ervoor dat de kwaliteit van dat ecosysteem toeneemt voor alle betrokkenen. Maar hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat die robots geen eigen leven gaan leiden? Dát moet je dus als mens zelf regelen. En daarvoor is maar één manier: met jezelf en je team aan de slag!

AI verrijken met jouw EQ

Steeds meer bedrijven tonen hun sociale karakter, waarmee ze extra punten toevoegen aan hun emotionele intelligentie, het EQ. Dit is een enorme voorsprong die de mens op de computer heeft, en dat moeten we koesteren.

Daar staat tegenover dat juist AI-technologie een onvoorstelbaar hoog IQ geeft. De beste schakers en Go-spelers zijn inmiddels geen mensen meer maar machines. Gelukkig hebben we in ons dagelijks werk de denkkracht van ontelbare Kasparovs en Carlsens niet nodig. Mits ons AIQ (artificial intelligence quotient) op peil is, of ook wel de balans tussen menselijke intuïtie en AI. We moeten daarom leren scherper onderscheid te maken, zodat we de technologie hiermee kunnen verrijken – machines handelen immers in grote lijnen hetzelfde.

Tel daarbij op dat je weet, net als iedereen in onze sterk competitieve zakenwereld, dat de details het verschil maken. Dus ook waar het je eigen keuzes betreft. AIQ bepaalt welke menselijke waarneming je kiest om AI in te zetten voor je business, inclusief de wijze waarop je de technologie voor je laat werken.

Je persoonlijke handelen (en dat van je team) is dus van doorslaggevende betekenis voor het uiteindelijke effect van AI. Bedenk daarom eerst waarvoor je de technologie wil gebruiken. Inventariseer wat de mens überhaupt kan met AI, en deel die kennis en ervaring vervolgens met de andere leidinggevenden. Zo kan AI op een waardevolle manier bijdragen.