Open source-software is uitermate populair. De kans is groot dat je deze code honderden keren per dag gebruikt zonder het zelf te weten. Elke keer dat je een mobiele telefoon, internet, e-mail of online chat gebruikt, muziek streamt of videogames speelt, wordt dit waarschijnlijk mogelijk gemaakt door open source-software. Ook bij grootzakelijke bedrijven wordt de software breed gebruikt, bijvoorbeeld voor cloud computing, applicatieontwikkeling, big data en storage.

Veelal wordt open source geassocieerd met het besturingssysteem Linux, dat in tegenstelling tot andere commerciële besturingssystemen, zoals Microsoft Windows, gratis is. De software wordt continu verbeterd en uitgebreid door een community van duizenden personen en niet slechts door een team van interne ontwikkelaars. Hierdoor ligt de innovatiesnelheid van open source-software veel hoger dan bij bedrijven die gesloten software gebruiken.

Het gedachtegoed van open source gaat verder dan alleen software. De principes achter open source gelden echter niet alleen in de softwarewereld, maar ook ver daarbuiten. Ik zie open source niet alleen als een manier om software te ontwikkelen maar ook als een manier van leven en denken. Als je het leven op een open source-manier benadert, dan wil je op een transparante manier informatie met anderen delen en zie je fouten als een middel voor verbetering. Daarnaast verwacht je dezelfde houding van anderen en moedig je dat ook aan.

Kritische activiteiten

In het verleden werden bedrijven soms geremd in hun innovatie doordat ze open source niet volledig begrepen. Ze hadden bijvoorbeeld twijfels over de veiligheid van de software, die in een volledig open en gratis omgeving werd ontwikkeld. Deze misvatting kom ik nog maar zelden tegen.

Tegenwoordig gebruiken bijna alle banken, luchtvaartmaatschappijen, overheidsinstanties en retailers op de een of andere manier open source, vaak voor hun meest kritische activiteiten. Eigenlijk realiseren ze zich dat ze in het digitale tijdperk juist steeds meer flexibele open source-oplossingen nodig hebben, met name om te kunnen overleven naast kleinere, snellere en meer technische concurrenten. Veel bekende bedrijven zijn ten onder gegaan omdat ze niet snel genoeg konden innoveren om aan de behoeften van de moderne consument tegemoet te komen.

Zelfs techgiganten als Microsoft en Apple bieden nu software aan die ondersteuning biedt voor Linux. In die zin kun je stellen dat open source de harten van grote bedrijven heeft gewonnen. Vele jaren zagen gesloten technologiebedrijven Linux en open source namelijk als een bedreiging en het gebruik ervan werd actief ontmoedigd.

Dankzij bevlogen ontwikkelaars, community’s en bedrijven is open source nu populairder dan ooit. Het vertegenwoordigt zelfs de meeste technologie die centraal staat in ons dagelijkse leven.

Creativiteit en openheid

Daarbij is het belangrijk om te onthouden dat open source begint en eindigt met de community. De manier waarop open source-community’s samenwerken om belangrijke uitdagingen op te lossen en een speelveld creëren waarin de beste ideeën winnen, is ongelooflijk krachtig. Ik geloof dat open source ook in de toekomst een bron voor innovatie en creativiteit zal blijven. En dat is slechts het begin. ‘Open’ wordt de standaard om sneller en beter te innoveren.