Artificial intelligence zal evenveel impact hebben op de mensheid als de ontdekking van vuur. We leven in het stenen tijdperk van de toekomst. Ons leven zal in de komende decennia drastisch veranderen. Hoe? Dat kan niemand nog precies voorspellen.
Door de exponentiële vooruitgang in computing power, big data en algoritmiek, zien steeds meer innovatieve AI-toepassingen het levenslicht, zoals het City Brain-project in Hangzhou, China.

Dat optimaliseert het verkeer in real time door middel van traffic data en AI. In de gezondheidszorg zijn operatie- en zorgrobots in opmars, zoals de Da Vinci-robot met vier armen, die inmiddels 400.000 operaties per jaar uitvoert. En in de landbouw wordt AI ook wel ‘het nieuwe zaad’ genoemd. In Maharashtra, India, worden drones en AI ingezet om de voedselopbrengsten te optimaliseren.

Het inzetten van AI voor autonome beslissingen roept sociale en ethische vragen op. In de VS zijn dodelijke slachtoffers gevallen door zelfrijdende auto’s. Chatbot Tay begon één dag na lancering racistische taal uit te kramen in plaats van gezellige chats. En onlangs bleek software voor het automatisch beoordelen van sollicitaties, vrouwen te benadelen vanwege een impliciet vooroordeel in de AI-trainingsdata.

China, de VS en Europa hebben verschillende visies op de ongekende mogelijkheden en uitdagingen van AI. China zet de overheid centraal. In 2017 hield Xi Jinping, de president van China, een toespraak over de toekomst waarbij AI en big data als kerntechnologieën werden genoemd voor de transformatie van China naar een digitale economie.

Volgens het Next Generation Development Plan wil China door forse investeringen in AI in 2030 wereldleider zijn. Omdat er in China weinig privacy-regulering is, is er veel data beschikbaar om de Chinese deep learning-netwerken te trainen. Denk aan het sociale-kredietsysteem ‘shehui xinyong’ dat in 2020 wordt ingevoerd, waarbij gedragspunten worden toegekend voor een sociale reputatie op staatsniveau.

In de Verenigde Staten staat het bedrijfsleven centraal. Daar lopen de Big 5-techbedrijven ver voorop met AI-centric product development. Google heeft DeepMind-technologie die de wereldkampioen in het meest ingewikkelde spel ter wereld, Go, indrukwekkend heeft verslagen. Apple Siri en Amazon Alexa zijn de intelligente assistenten voor de consumenten thuis. Facebook linkt personen in foto’s en video’s met real-time face recognition automatisch aan elkaar.

De marktwaarde van deze Big 5 is ongekend hoog, maar er is ook een flipside. Denk aan privacyschendingen en ‘computational propaganda’ om nog hogere advertentie-inkomsten te genereren.

Europa wil de burger centraal stellen. De Europese Commissie zet sinds 2018 met het Coordinated Plan on AI volledig in op human-centric AI. De ambitie is om AI-technologie in te zetten voor grote maatschappelijke uitdagingen zoals klimaatverandering, voedselvoorziening, gezondheid en veiligheid. Ethiek staat daarbij centraal, met een sterke focus op de fundamentele rechten van de mens. Privacy-by-design en ethics-by-design als basis voor technologische vooruitgang.

Het is daarbij interessant hoe Europa zal omgaan met AI-algoritmen die buiten de EU getraind zijn met data die niet voldoet aan de Europese privacy-normen.

De fantastische explosie van AI-mogelijkheden betekent dat alle bedrijven een AI-centrische innovatiestrategie moeten ontwikkelen. Alle producten en businessmodellen zullen veranderen en vroeg beginnen is daarbij noodzakelijk. Immers, AI-technologie kenmerkt zich door een winner takes all-karakter. Net als de EU zouden bedrijven daarbij techno-optimisme en ethische uitgangspunten centraal moeten stellen.

REAGEREN

Plaats je reactie
Je naam