Nederlandse topbelissers scoren niet meer dan gemiddeld op datagedrevenheid, bleek eerder uit een enquête in het kader van de HPDO Challenge. Het lijkt nog altijd vallen en opstaan te zijn en vooral een kwestie van experimenteren, keuzes maken, prioriteiten stellen en vanuit leiderschap faciliteren. Roeland Allewijn, chief data officer bij Rijkswaterstaat, en Svend Lassen, Head of Reporting & Data Analytics bij Tata Steel, bieden een kijkje in de keuken tijdens een (pre-corona) bijeenkomst bij Wicked Grounds in Amsterdam met vertegenwoordigers van diverse bedrijven.

Erik Beulen, kartrekker van het HPDO-programma en hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg, modereerde de sessie. Tijdens deze bijeenkomst bleek wel dat wij op weg zijn: databetrokkenheid verschuift naar datagedrevenheid en vervolgens naar datavolwassenheid.

Top-downdatastrategieën

Infrastructuur, watermanagement en bouw zijn ‘business as usual’ voor Rijkswaterstaat (RWS). Feitelijk is RWS al tweehonderd jaar een informatiebedrijf, want waterstanden worden weergegeven ten opzichte van het Normaal Amsterdams Peil (NAP) en het NAP is onmisbaar voor de bescherming tegen overstromingen. “Grappig dat mensen dat soms niet weten. Of niet weten dat wij het uitvoerende gedeelte van het ministerie zijn”, legt Roeland Allewijn uit. “Samen met Perry van der Weyden, hoofdingenieur en CIO, en Michèle Blom, directeur-generaal, is het mijn taak om alle delen van de organisatie te verbinden. Voor datastrategieën proberen we de balans te vinden tussen top-down en bottom-up. Maar eerlijk gezegd is het in deze fase vooral nog top-down.”

RWS heeft een jaarlijkse omzet van 5 miljard euro, achthonderd man die bezig zijn met data, IT, executie en projecten, en tien vertegenwoordigers in business en IT. Verbetering van datamanagement is belangrijk voor RWS omdat het ten grondslag ligt aan business intelligence en data-alignment, vanuit de strategie in de board tot aan het operationele stuk in de organisatie. Focusgebieden zijn digitalisering, complexiteit van beleid en milieuzaken, een toenemend volume aan data en technologieën, en positionering van de overheid ten opzichte van open data. “Denk aan de energietransitie, of 26 wetten tot één omgevingswet bundelen, of van drieduizend apps naar duizend gaan.”

Verantwoordelijkheid nemen

De overheid heeft als ambitie zoveel mogelijk open data ter beschikking te stellen aan burgers en bedrijven. Hierin is voor RWS een rol weggelegd. Daarbij is een digitale infrastructuur nodig zodat data toegankelijk wordt. “Er is te veel data en de opties zijn eindeloos, bijvoorbeeld sensoring data, geografische data, augmented reality en 3D. Dit betekent prioriteiten stellen en verantwoordelijkheid nemen in de keten. Wij nemen gegevens op van anderen en maken het verschil vanuit incidentmanagement en veiligheid. En dat is niet iets vrijblijvends, want ook een partij als Google begeeft zich in open-access data en verkeersmanagement”, zegt Allewijn.

“We realiseren ons wat data-engineering en data-analyse kan betekenen”

Binnen RWS gaat het om de neuzen dezelfde kant op te krijgen en een cultuurverschuiving teneinde steeds meer een informatiebedrijf te worden. Gegevensbeheer en toetsing van datavolwassenheid kan als er in vaardigheden, HR en zelfevaluatie geïnvesteerd wordt. “We focussen op conventies, standaarden en duurzame interactie met de verschillende stakeholders. Want met zaken zoals data layers, beheer van toegangspunten, inspectie op de weg en machine-learning alleen, komen we er niet.”

Frictie is soms oké

Net als RWS wordt Tata Steel steeds meer een informatiebedrijf waarbij data-analyse, gegevensbeheer en toetsing van datavolwassenheid aan de orde van de dag zijn. Business as usual betekent voor Tata Steel hoogwaardig en plat staal aanbieden, waarbij supply-chainmanagement en vergaande kennis van markten en klanten onmisbaar zijn. Vraagstukken van klanten zijn zeer uiteenlopend, zeker in het hogere segment. Tata Steel maakt gerichte keuzes in het aanbod, is actief in vijftig landen en heeft een jaarlijkse omzet van 7 miljard pond. Een kilo staal levert vijftig tot tachtig cent op. Marges staan onder druk.

Tata Steel zoekt naar manieren om additionele waarde te bieden en investeert flink in training, ook voor het senior management. “We weten dat kostenreductie en efficiëntie nodig zijn”, zegt Svend Lassen. “Bronnen, systemen en processen – planning, forecasts, ERP en meer – moeten consistenter worden in gebruik en beleid. Nieuwe mogelijkheden toevoegen vanuit verschillende business-owners betekent soms frictie binnen de organisatie. Daar ontkomen we niet aan en dat is oké. We hebben zoals vele organisaties nog wel wat uitdagingen voor de boeg.”

Agile en geautomatiseerd

Duurzame oplossingen ontwikkelen betekende in het geval van Tata Steel het watervalmodel vervangen door agile werken. De focus ligt daarbij niet op procesmanagement, maar op vooruitgang boeken door betere prestaties te verkrijgen en tastbare zakelijke resultaten.

“Vergelijkbaar met wat RWS vertelde, vindt er bij ons een aanzienlijke cultuurverschuiving plaats. We realiseren ons wat data-engineering en data-analyse voor ons kunnen betekenen. We genereren data, bouwen nieuwe producten, combineren tools en werken aan totaaloplossingen en snelle implementaties, bijvoorbeeld voor geografische distributie. Supply-chains worden volledig verbonden. Werkzaamheden, waaronder portfoliomanagement, prijsbepalingen, opslag en logistiek worden in hapklare stukken verdeeld en uiteindelijk samengevoegd vanuit verschillende disciplines.”

Bevindingen

De HPDO-sessie eindigde met de belangrijkste bevindingen uit een enquête onder 62 beslissers en een open discussie onder de aanwezigen. In Nederland doen we het redelijk goed met datasets. Basiszaken daarentegen, zoals de kwaliteit en het type gegevens, automatisering, de platforms en andere zaken kunnen beter. De meest opvallende uitslag is dat 77 procent van de respondenten minder dan 25 procent van de analyticstools geautomatiseerd heeft. Dit biedt kansen om met data de zakelijke prestaties te versterken. En dat vraagt om verantwoordelijkheid nemen.

“Ook een partij als Google begeeft zich in open-access data en verkeersmanagement”



Sinds de start van de HPDO Challenge in 2017 en gedurende vele bijeenkomsten waar bijna 250 CIO’s, CTO’s en CDO’s aan deelnamen, zijn de contouren van de high-performance digital organisation (HPDO) geschetst. In een eerder verschenen HPDO-whitepaper kwamen vier aspecten al aan bod, namelijk adoptie, volwassenheid, samenwerking met partners en leiderschap. In de aankomende bijeenkomsten staat leiderschap in verschillende vormen en gedaanten centraal.

Het HPDO-programma brengt leiders met digitale ambities enerzijds en organisaties die digitaal transformeren anderzijds samen. Het programma ondersteunt door middel van kennisdeling en discours, zowel digitaal als fysiek tijdens exclusieve evenementen en rondetafelsessies. Deze sessie binnen het HPDO-programma werd mede mogelijk gemaakt door TCS. Meer over de HPDO Challenge.

Fotografie Dennis Khalil

Arnoud van Gemeren is hoofdredacteur van CIO Magazine, Boardroom IT en voormalig hoofdredacteur van TITM (Tijdschrift IT Management) en Outsource Magazine. Hij heeft een lange staat van dienst in de Nederlandse IT-mediawereld. Na een start bij een redactiebureau, was hij als hoofdredacteur van 1996 tot 2001 bij uitgeverij Array Publications verantwoordelijk voor diverse IT-vakbladen. In 2001 sloot hij zich aan bij een adviesbureau op het gebied van marketingcommunicatie, Beatrijs Media Group. Vanuit dit bureau bleef hij als hoofdredacteur actief, onder meer voor Sdu Uitgevers.

REAGEREN

Plaats je reactie
Je naam