Home Blog

OM Dinershow

0

De OM Dinershow kenmerkt zich door zijn feestelijke karakter. Een fantastische gala-avond met spectaculaire optredens. Circa 200 sourcing executives komen er graag netwerken en de uitreiking van de TOMMIES bijwonen. Dit zijn de Sourcing Awards voor de:

• Meest Inspirerende Sourcing Manager;
• Meest Succesvolle Sourcing Bedrijf;
• Meest Innovatieve Outsourcing Vendor;
• Meest Innovatieve Outsourcing Ecosysteem;

Voor meer informatie: omdinershow.nl

Sourcing Summit

0

Voorafgaand aan de OM Dinershow vindt op 13 december vanaf 14:00 uur de Sourcing Summit plaats in NH Barbizon Hotel te Amsterdam. Voor de sourcing community is de Sourcing Summit en OM Dinershow een van de jaarlijkse hoogtepunten. Een belangrijk netwerkgelegenheid voor voor degenen die aan de top staan van de sourcing-industrie. Dit jaarlijkse evenement voor managers senior business en IT-managers – biedt hen ook inzichten en best practices in een ontspannen ambiance.

TECHONOMYDAY

0

TechonomyDay 2018 is een evenement dat exclusieve interactie bied met 100 C-level peers. TechonomyDay wordt dit jaar voor het eerst georganiseerd en zal een grote hoeveelheid experts aan het woord laten komen.

CIODAY

0

De CIOday is hét jaarlijkse netwerkevent voor de absolute top binnen de IT-markt. Dit tweedaags evenement is het jaarlijkse ontmoetingspunt van zo’n 600 CIO’s, IT VP’s en IT-directors, waarbij de afnemerzijde van de markt altijd goed vertegenwoordigd is (circa 70%!). Gedurende deze dagen worden tal van sessies aangeboden:

1. Exclusieve Master Classes met topsprekers;
2. VIP Diner;
3. Plenaire sessies met topsprekers;
4. Inspirerende peersessies;
5. Interactieve rondetafelsessies;
6. Diepgaande expertsessies en
7. de bekendmaking van de CIO of the Year.

Voor meer informatie: https://cioday.com/

Jaarcongres Innovatie & Transformatie

0

Jaarcongres Innovatie en Transformatie, is het jaarlijkse netwerkevent voor IT-executives en senior IT-management die innovatie, transformatie en business alignment hoog op de agenda hebben staan. Tijdens dit evenement is ICT Media jaarlijks gastheer voor 250 tot 300 IT-executives, waarbij de klantzijde van de markt sterk vertegenwoordigd is! Gedurende deze dag worden tal van sessies gegeven (plenair-, peer-, rondetafel- en expertsessies).

Digitale acceleratie: navigeren op de eindklant

0

Op 18 september vindt er een interactieve rondetafel sessie plaats over het startpunt van digitale transformatie. Hoe pakt een organisatie de cruciale beginfase aan? In deze sessie staat de relatie IT-leverancier – klant – eindklant centraal.

Menno Vlietstra, Group CIO bij URENCO in Londen, zal inzicht geven in zijn aanpak en de uitgangspunten delen bij het opstarten van digitale transformatie. Kern vormt de focus op de eindklant, waarmee URENCO voor een aanpak kiest die nog niet iedereen aandurft.
Daadwerkelijk digitaal omvormen betekent een andere benadering van hoe je effectiviteit meet. SLA’s zijn niet relevant meer: het gaat om de beleving bij de eindklant. High-tech solutions kunnen op papier de juiste oplossing vormen, maar gaan niet tot ingrijpende digitale verandering leiden zonder de acceptatie van de eindklanten. Omgekeerd valt veel winst te behalen met oplossingen die technisch niet bijzonder innovatief zijn, mits ze vanuit de beleving van de eindklant zijn ingestoken.
Uiteindelijk gaat het erom de focus, ook van de gehele interne organisatie, te verleggen van technisch meetbare KPI’s naar de eindklant. Voor een digitale acceleratie dient de IT-organisatie doorgaans wezenlijk aangepast te worden, de IT delivery en sourcing significant verbeterd en regulatory constraints beter geïntegreerd te worden in de aanpak.

Menno Vlietstra zal in deze sessie zijn checklist voor een quick start, zijn overwegingen en ervaringen delen. Vervolgens zal de sessie in het teken staan van discussie en uitwisseling van ervaringen op C-level niveau. ‘Digitale acceleratie: navigeren op de eindklant’ biedt interessante inzichten in de digitale acceleratie die veel organisaties zich ten doel hebben gesteld. Bent u erbij? Aanmelden kan hier.

Locatie en tijd:
De sessie wordt georganiseerd op 18 september a.s. in Villa Voorburg, Laan van Voorburg 1 te Vught. Er is ruim voldoende parkeergelegenheid. Aanvang sessie is om 15.00 uur en deze zal rond 20.30 uur afgelopen zijn.

Meer informatie:
Deze sessie wordt mede mogelijk gemaakt door DXC Technology. De voertaal van deze bijeenkomst is Nederlands. Het bijwonen van de bijeenkomst is uitsluitend op uitnodiging en er zijn geen kosten aan verbonden. Er zal tevens een verslag worden gemaakt welke gepubliceerd zal worden in CIO Magazine. Heeft u interesse om deel te nemen aan deze exclusieve sessie, maar wilt u eerst meer informatie? Neem dan contact op met Frances Kosters (events@ictmedia.nl).

Univé spreekt: De organisatiekant van digitale transformatie

0
CDO Magazine en Anderson MacGyver organiseren een gezamenlijke interactieve rondetafel sessie met als onderwerp ‘De organisatiekant van digitale transformatie: Leiders met een mening gezocht! ’.

Hoe transformeer ik mijn organisatie in een digitale business? Het succes daarvan wordt niet zozeer bepaald door de implementatie van nieuwe technologie, maar juist door een goede organisatie-inrichting. Adoptie door de business, een passende governance en de juiste compententies zijn daarbij cruciaal! Op woensdag 12 september organiseren wij een interactieve sessie rond dit thema.

Terug naar de kracht van Univé met een duale aanpak
Ellen Peper (Chief Transformation Officer, RvB) en Frank Dijkstra (Manager Informatietechnologie) gaan in op de manier waarop Univé haar organisatie in beweging krijgt in de digitale wereld.
Univé neemt als financiële dienstverlener in Nederland een unieke positie in: zonder winstoogmerk, dichtbij haar leden met fysieke kantoren en zeer hoge klanttevredenheid. Toch kunnen ook zij niet achterover leunen. In de visie “Terug naar de kracht van Univé”  wordt gekozen voor een duale aanpak: versterken van haar bestaande positie met nieuwe technologie en tegelijkertijd bouwen aan nieuwe businessmodellen rondom de thema’s voorkomen en beperken. Ellen Peper en Frank Dijkstra zullen jullie meenemen in de achtergrond van deze visie, de uitdagingen die zij op hun pad vinden en wat zij doen om te komen tot een succesvolle implementatie.

Het evenement is bedoeld voor digitale leiders die dagelijks bezig zijn de organisatie mee te krijgen in de transformatie naar een digitale business. We sluiten de dag af met een goede netwerkborrel. Locatie is het historische centrum van IJsselstein.

Reserveer woensdag 12 september van 14.30 tot 19.00 uur alvast in je agenda en meld je direct aan via deze link.

 

Locatie:
De sessie wordt georganiseerd op 12 september a.s. in het kantoor van Anderson MacGyver, Kronenburgplantsoen 10, 3401 BP te IJsselstein. Er is ruim voldoende (gratis) parkeergelegenheid.

Meer informatie:
De voertaal van deze bijeenkomst is Nederlands. Het bijwonen van de bijeenkomst is uitsluitend op uitnodiging en er zijn geen kosten aan verbonden. Er zal tevens een verslag worden gemaakt door Hotze Zijlstra welke wordt gepubliceerd in CDO Magazine. Heeft u interesse om deel te nemen aan deze exclusieve sessie, maar wilt u eerst meer informatie? Neem dan contact op met Frances Kosters (events@ictmedia.nl).

Bob Hutten: ‘Empathisch ondernemerschap loont’

0

Het is een duivels dilemma: moet je als CEO op de oude voet doorgaan totdat bestaande of nieuwe concurrenten jouw marktpositie uitdagen of kies je voor een eigen ‘disruptieve stap’? De makkelijkste strategie is die van het afwachten en reageren op externe disruptie. Met het risico dat je te laat bent of dat het adequaat reageren buitensporig veel middelen kost.

Om maar te zwijgen over het gevaar dat de diverse belanghebbenden, zoals RvC, werknemers, aandeelhouders en de publieke opinie, in opstand komen. Bob Hutten, CEO en eigenaar van Hutten Catering, koos voor de minst makkelijke weg en sloeg zelf zijn ‘disruptieve slag’. Zoals hij dat zo’n beetje zijn hele leven lang al doet.

Het Veghelse Hutten Catering is sinds medio jaren negentig van de vorige eeuw actief als bedrijfsrestaurateur en cateraar voor feesten en evenementen. In de loop der tijd is daar door een overname een eigen bakkerij bijgekomen. Een mooi familiebedrijf dat in 2016 83,5 miljoen omzet draaide en inmiddels organisaties als chipgigant ASML en voetbalclub PSV tot de klantenkring rekent.

Zakelijk gezien, zou Bob Hutten dan ook rustig op de oude voet door kunnen blijven ondernemen. Met hier en daar de introductie van wat noviteiten en de toevoeging van snufjes procesoptimalisatie en kostenreductie. Geen vuiltje aan de lucht.

Van betekenis zijn

De Brabander in hart en nieren wil echter niet stilzitten. Los van de diverse verbeteringen in zijn cateringbedrijf (waaronder het promoten van gezond voedsel gecombineerd met een gezonde leefstijl) startte hij in 2016 De Verspillingsfabriek. Een initiatief waarmee hij de wenkbrauwen van vriend en vijand omhoog liet gaan. Want wat moet een geoliede cateringmachine toch met een fabriek waar soep en sauzen worden gemaakt van overrijpe tomaten en andere groenten die de uiterste houdbaarheidsdatum wel heel erg naderen? Hutten wilde daadwerkelijk actie ondernemen tegen de verspilling van voedsel. Dat is op zich al een aardige motivatie.

Maar er is meer, zo zegt hij: “Voor mij en mijn bedrijf zijn twee zaken heel belangrijk: van betekenis zijn en bijdragen aan het geluk van een ander. Dat klinkt misschien wat raar, maar het is echt de essentie van Hutten. Dat doen wij voor onze medewerkers, onze leveranciers en onze klanten.

Om je er een voorbeeld van te geven: onlangs hebben wij een oncologisch kinderziekenhuis als klant gekregen. Je hebt daar te maken met kinderen die niet of nauwelijks willen eten. Hun smaakbeleving verandert per chemotherapie. Om hen toch te laten eten, heeft ons team de gerechten daarop aangepast, zijn de menu’s in stripvorm gemaakt en brengen wij het eten rond in een ‘Kanjer Kar’. Alles is erop gericht om kinderen te verleiden om ondanks alles toch te eten. En het werkt. Ik kreeg onlangs een brief van ouders wier zoontje al een dag of tien geen gewoon voedsel at. En dat het kereltje dankzij onze aanpak toch weer is gaan eten.”

Bedrijfseconomisch fundament

Op basis van het empathisch ondernemerschap en de drang naar innovatie, is Bob Hutten met De Verspillingsfabriek gestart. “Wij leven in een tijd waarin mensen zich, gelukkig, steeds meer bewust zijn van het feit dat goed en gezond voedsel essentieel is voor het lichamelijk en geestelijk welzijn. En tegelijkertijd gooien wij enorm veel goede producten weg: zo’n vijf miljard euro per jaar, alleen al in Nederland.” Dat kan anders en beter, vindt hij. Vandaar de Verspillingsfabriek.

“Door empathisch ondernemerschap en innovatiedrang is De Verspillingsfabriek gestart”

Hoe zweverig het ook wellicht klinkt: aan De Verspillingsfabriek ligt zeker een bedrijfseconomisch fundament ten grondslag. Het bedrijf moet op termijn domweg winst gaan maken. Bob Hutten gaat ervan uit dat eind 2018 de boel in ieder geval quitte zal draaien, na een eigen investering van enkele miljoenen. Dat moet onder ander gerealiseerd worden door de verkoop van soepen die onder het label ‘Barstensvol’ in onder andere supermarkten te vinden zijn. Die soepen worden gemaakt op basis van groenten afkomstig uit de zogenoemde reststromen. Dat kunnen tomaten zijn die tegen het einde van de houdbaarheid aanlopen of wortelen die niet aan het schoonheidsideaal van de consument voldoen.

Daarnaast heeft Hutten van De Verspillingsfabriek en het overkoepelende bedrijfspand THREE-SIXTY een internationale ontmoetingsplek gemaakt voor beleidsmakers en anderen die zich bezighouden met de circulaire economie in het algemeen en voedselverspilling in het bijzonder. Dat laatste levert geen enorm positieve bijdrage aan de bottom line, maar het zorgt er wel voor dat De Verspillingsfabriek en Huttens denkwijze breed onder de aandacht komen.

Overtuigen en samenwerken

Het een en ander is wat minder makkelijk verlopen dan gehoopt, zo geeft Bob Hutten toe. Allereerst is er de uitdaging om in kaart te brengen wat er waar aan voedsel dreigt te worden weggegooid. Er is namelijk op dit moment nog geen centraal systeem waarin dat wordt bijgehouden. En vervolgens komt het probleem om de hoek kijken hoe je al die reststromen bijtijds en kostenefficiënt naar de Veghelse Verspillingsfabriek krijgt.

Ook kunnen sommige soorten groenten niet altijd in de bestaande soepproducten worden verwerkt. Aan dat laatste wordt continu gewerkt. De logistieke kant van de zaken zal uiteindelijk ook goed komen, is Huttens stellige overtuiging. Het is slechts een kwestie van het overtuigen van en samenwerken tussen de verschillende partijen in de volledige keten. Van boer tot en met supermarkt en consument. Een dergelijk systeem moet worden gebouwd, samen met andere belanghebbende organisaties.

Internationale aandacht

Hulp van derden is absoluut nodig om voedselverspilling een halt toe te roepen, zegt Hutten. En die hulp is niet makkelijk en snel te verkrijgen. Met name van de kant van de Europese en nationale overheid had hij eerder steun verwacht. Maar gelukkig is die er nu, na twee jaar, dan toch gekomen. Dat de overheid interesse toont, is niet zo vreemd, zegt hij: “Er is nergens ter wereld een centrum tegen voedselverspilling zoals dat van ons. Dat wekte de nodige internationale aandacht. Per jaar komen er meer dan 30.000 bezoekers uit binnen- en buitenland. Voedselverspilling en voedselverlies door slechte processen, bijvoorbeeld in derdewereldlanden, is echt een ernstig maatschappelijk probleem. Wij gooien voor 3 miljard mensen per dag aan eten weg en er lijden dagelijks 800 miljoen mensen honger. Dat is toch bijzonder wrang?”

“Op dit moment zijn we zover dat we met zeer grote partijen een systemische aanpak tegen voedselverspilling gaan vormgeven. Daar profiteert allereerst Nederland maximaal van en later ook de rest van Europa en de Verenigde Staten. Ieder bedrijf dat met voedsel bezig is, kan zich straks wenden tot een helpdesk die met oplossingen op maat komt. Dat geldt voor elk element van de keten: van de boer tot de consument. Ik zie het niet alleen als ‘gewoon een verdienmodel’. Iedereen kan zo ook een prachtige maatschappelijke bijdrage aan het milieu leveren én de voedselschaarste wereldwijd tegengaan.”

 

“Privé en zakelijk zijn twee zaken heel belangrijk: van betekenis zijn en bijdragen aan het geluk van een ander”

 


Bob Hutten

Eigenlijk had hij professioneel tennisser moeten worden. Daar lag de aanvankelijke ambitie van Bob Hutten. Naar school gaan was voor hem geen enorm genoegen. Liever stortte hij zich op topsport. Toch is hij uiteindelijk niet op de internationale tennisvelden terechtgekomen. In plaats daarvan nam hij medio jaren negentig het roer over van zijn ouders in het familiebedrijf.

De discipline die Bob Hutten als tennisser had (hij behoorde destijds tot de top van het Nederlandse tennis, samen met namen als Paul Haarhuis), is hem goed van pas gekomen bij het leiden van Hutten Catering. Bij het overnemen van het familiebedrijf trof hij een onderneming aan die technisch failliet kon worden genoemd. Suboptimale inkoop en te krappe marges waren daar debet aan. Hutten stootte minder rendabele onderdelen af (zoals het restaurantgedeelte) en concentreerde zich geheel op de (bedrijfs)catering. Daarbij draaide hij op gedisciplineerde wijze werkweken van minimaal honderd uur. Een aanpak die hem en het bedrijf uiteindelijk geen windeieren heeft opgeleverd.

Maar tegelijkertijd is Hutten wars van de conventionele leiderschapsprofielen. Je zou hem een pater familias kunnen noemen: empathisch, streng waar nodig en vrijheid gevend waar mogelijk. Hij spreekt ook liever over ‘samenwerkers’ dan ‘medewerkers’. Die filosofie is terug te vinden in de werving van werknemers: het bedrijf opent welbewust de deuren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (van ex-gedetineerden tot Wajongeren). Bob Hutten is sinds 2017 voorzitter van het Brabantse Familiebedrijven Genootschap.

Fotografie Arnold Reyneveld

Hoe vinden we het nieuwe goud?

0

Data is het nieuwe ‘goud’, omgeven door buzzwords zoals predictive analytics, data science en artificial intelligence. Praten over de kracht van data-analyse is gemeengoed geworden. Iedere CIO die ik spreek zegt daarom absoluut potentie te zien in data-analyse. Maar waarom voegen slechts weinigen de daad bij het woord? De weerbarstige praktijk zit het zoeken naar goud in de weg.

De bekende boodschap is dat het juiste gebruik van data een schat aan onvoorstelbare mogelijkheden oplevert. Maar wat is het ‘juiste gebruik’? En als we dat weten, hoe krijgen we dat gebruik dan voor elkaar? Veel bedrijven hebben nog steeds een applicatielandschap dat van een afstand misschien goed oogt, maar waarbinnen de samenhang tussen al die applicaties ver te zoeken is.

Gevolgen van deze silo’s: moeizaam verlopende processen, dataversplintering, uitwisselingsproblemen, zwerfinformatie en dark data – data waarvan niet bekend is of die relevant is. Deze gevolgen staan het graven in data naar goud behoorlijk in de weg. Alleen als data zo snel mogelijk – of zelfs in real time – vindbaar én interpreteerbaar is, zal een bedrijf dat edelmetaal vinden.

Almaar complexer

We zien zo’n landschap bovendien alsmaar uitdijen en complexer worden. Niet alleen met nog meer ‘officiële’ applicaties, maar ook met op eigen initiatief van afdelingen of medewerkers aangeschafte apps: de beruchte shadow IT. Dat laatste gebeurt maar al te vaak, ook doordat in zo’n landschap IT de weg wijst en niet de business. En er zijn vandaag de dag genoeg mogelijkheden voor de business om zich daar niet bij neer te leggen. Dit verschijnsel gaat nogal eens samen met een lage gebruikersadoptie van de officiële applicaties. Ook dat staat het vinden van goud behoorlijk in de weg.

Niet alles tegelijk aanpakken

Als remedie tegen de verschijnselen hierboven horen we adviezen die iedereen wel zal kennen. Ga van applicaties naar een platform, van IT naar businessfocus en van silo naar integratie. Kortom: ga van complex naar simpel en van programmeren naar modelleren. Zeker raadzaam om te doen! Maar je moet de realiteit niet uit het oog verliezen. Denk groot, maar begin klein, want de grote valkuil is alles tegelijk willen aanpakken.

Inzicht

Waar het uiteindelijk om draait, is het verkrijgen van nieuwe inzichten. Data zijn slechts kale feiten. Informatie ontstaat door data uit meerdere bronnen op een zinvolle wijze te combineren. De volgende stap is het verkrijgen van kennis op basis van geanalyseerde informatie. Die kennis leidt tot nieuwe inzichten. Complexe applicatielandschappen, dito processen en tussen de 40 tot 80 procent dark data staan dit proces in de weg.

Tot slot zal ook het management een belangrijke rol moeten spelen door niet alleen van alles te roepen over data-analyse, maar daar ook echt concreet mee aan de slag te gaan. De inzichten die dat oplevert zijn het goud, ze kunnen leiden tot optimalisaties, nieuwe businessmodellen, een vernieuwende marktbenadering en, uiteindelijk, meer business en omzet.

Door Gerard Roos, business manager ICM bij Veenman

Beveiliging van cloudtoepassingen vraagt om andere aanpak

0

Hedendaagse toepassingen zijn vooral ontwikkeld met het oog op schaalbaarheid en prestaties. Om die prestaties te behalen, worden veel toepassingen gehost op publieke cloudplatforms zoals Amazon Web Services (AWS), Microsoft Azure en Google Cloud Platform (GCP). Deze platforms bieden de benodigde prestaties en flexibiliteit en het is mogelijk om toepassingen snel uit te rollen. Een grote uitdaging is de beveiliging ervan.

Effectief beveiligen van toepassingen die draaien in de cloud blijkt namelijk niet makkelijk, maar wel nodig. De afgelopen tijd zijn er in de media diverse grote aanvallen op cloudtoepassingen gemeld. En dat waren alleen de incidenten die bekend zijn gemaakt…

Feit is dat een traditionele beveiligingsaanpak niet effectief is bij applicaties die worden gehost op publieke cloudplatforms. En het een-op-een toepassen van bestaande, on-premises securityoplossingen op de cloud, is niet verstandig. De beveiliging van cloudapplicaties vraagt om een nieuwe benadering, om nieuwe policies en configuraties en om een andere strategieën. En als bedrijven al de nodige beveiligingsstappen nemen, kiezen ze er nog vaak voor om dit via één centraal punt in te richten, in plaats van gedecentraliseerd, zoals wij aanraden.

Balans tussen prestaties en beveiliging

Of het nu gaat om een eenmans-startup, een multinational of een organisatie daar ergens tussenin, bedrijven zijn steeds afhankelijker van toepassingen. Uitval kunnen ze zich niet veroorloven en in het geval van de cloud is er nog altijd verwarring over wie nu precies waarvoor verantwoordelijk is als het gaat om security. Eén ongepatchte kwetsbaarheid in een toepassing kan een aanvaller al toegang bieden tot je netwerk, of hem in staat stellen om je data of die van je klanten te stelen.

In het recente rapport Unlocking The Cloud, geeft driekwart van de respondenten aan dat zorgen rond de beveiliging de migratie naar de publieke cloud afremmen. Het gebruik van de publieke cloud groeit snel, maar beveiliging is een van de grootste barrières voor een overstap.

Veel organisaties hechten nog altijd meer waarde aan de prestaties van toepassingen dan aan de beveiliging ervan. In een onderzoek van Ponemon Institute uit mei van dit jaar, zegt bijvoorbeeld bijna de helft (48%) van de 1.400 ondervraagde IT-professionals dat ze de prestaties van applicaties belangrijker vinden dan de beveiliging.

Maar gezien de risico’s zou het gewicht van deze twee factoren veel meer in balans moeten zijn. En daarbij moet niet alleen rekening gehouden worden met de daadwerkelijke effectiviteit van de toegepaste beveiligingsmaatregelen. Het is ook essentieel dat de beveiligingstechnieken nauw kunnen worden geïntegreerd met de cloudplatforms en met bestaande licentiemodellen. Alleen zo kunnen de complexiteit en de kosten goed beheerd worden.

Applicatiekwetsbaarheden in de cloud verhelpen

Kwetsbaarheden in toepassingen reiken vaak ver en worden vaak pas ontdekt of verholpen nadat zich een incident heeft voorgedaan. Het installeren van patches is over het algemeen een reactief proces dat beveiligingsgaten veel te lang open laat (maandenlang is geen uitzondering). Dit is een serieus probleem en de enige oplossing is om dit soort kwetsbaarheden continu en volautomatisch te verhelpen. Alleen zo kan de beveiliging van toepassingen worden gegarandeerd, zowel on-premise als in de cloud.

De noodzaak voor dit soort maatregelen blijkt ook uit het Ponemon-onderzoek: driekwart van de ondervraagde organisaties heeft het afgelopen jaar te maken gehad met een cyberaanval of datalek in een cloudtoepassing. Des te opvallender is dan dat slechts een kwart van de IT-professionals zegt dat hun organisatie duidelijk investeert in oplossingen om dit soort applicatie-aanvallen te voorkomen.

Security voor de cloud

Waar het op neerkomt is dat een goede beveiliging van applicaties in de cloud vraagt om een andere manier van denken over beveiliging. Evalueer de beveiligingsoplossingen die je op dit moment hebt draaien en kijk wat er nog ontbreekt voor continue monitoring en voor het verhelpen van kwetsbaarheden in je applicaties. Daarbij gaat het erom dat iedere toepassing wordt beschermd met een gepast beveiligingsniveau. Kies voor een beveiligingsoplossing die is afgestemd op je huidige en toekomstige cloudgebruik en zet tools in die zijn ontworpen voor cloudomgevingen die het mogelijk maken om je eigen security in te richten.

Door Alain Luxembourg, territory manager Nederland bij Barracuda

1,965VolgersVolgen
0AbonneesAbonneren

Recent gepubliceerd